Baas over eigen portret?  27-06-2013

Door Lars Westhoff

Op 14 juli jongsleden heeft de Hoge Raad1 geoordeeld over het geschil tussen Cruijff en Tirion Uitgevers B.V. (hierna: Tirion) over het gebruik van het portret van Cruijff in een fotoboek. Bij de Hoge Raad heeft Cruijff een grensverleggend betoog gevoerd. In tegenstelling tot de huidige opvattingen pleitte Cruijf voor een zelfbeschikkingsrecht voor de geportretteerde over zijn portret.

Portretrecht
Het portretrecht is een recht dat aan de geportretteerde toekomt om zich te verzetten tegen openbaarmaking van zijn  portret voor zover hij daartoe een redelijk belang heeft2. In gevallen dat de geportretteerde een redelijk belang heeft om zich te verzetten is openbaarmaking van de foto onrechtmatig en kan de publicatie worden verboden. Als redelijk belang wordt in het algemeen aangenomen een “privacy belang” en een “commercieel belang”. Er is echter geen sprake van een toestemmingseis van de geportretteerde.

Feiten
Tirion heeft in 2003 het plan opgevat om een fotoboek3 over Cruijff in zijn Ajax-tijd op de markt te brengen. Cruijff heeft in april 2003 aangegeven dat Tirion niet gerechtigd is het boek op de markt te brengen, doch dat hij bereid was onder een financiële vergoeding het werk te bestuderen. Het overleg dat hierop volgende heeft niet tot overeenstemming geleid. In november 2003 lag het fotoboek in de winkel. Door het kort geding4 dat door Cruijff werd gewonnen is het boek enige tijd uit de handel geweest tot de bodemrechter anders oordeelde.

Zowel bij de Rechtbank als bij het Gerechtshof is Cruijff in het ongelijk gesteld. Beide instanties oordeelden dat het handelen van Tirion niet onrechtmatig is. Cruijff zou geen redelijk belang hebben om zich te verzetten tegen de openbaarmaking van zijn portret. Hem was immers een van de verkoopcijfers afhankelijke beloning geboden en de openbaarmaking maakte geen inbreuk op zijn privacy.

Hoge Raad
In de kern stelt Cruijff bij de Hoge Raad de reikwijdte van de bescherming die een geportretteerde kan ontlenen aan de wet aan de orde. Cruijff pleit voor een omvangrijkere bescherming van de geportretteerde. De Hoge Raad gaat echter niet mee met het betoog van Cruijff, dat sprake is van een zelfbeschikkingsrecht in de zin van een exclusief exploitatierecht. De Hoge Raad houdt vast aan de bestaande belangenafweging en is van oordeel dat het Hof deze belangenafweging niet onjuist heeft gemaakt. 

Conclusie
Nu de Hoge Raad niet meegaat in het betoog van Cruijff met betrekking tot het zelfbeschikkingsrecht, blijft alles bij het oude. Sporters moeten derhalve het gebruik van hun portret dulden tenzij een commercieel of privacy belang zich tegen openbaarmaking verzet.

Mocht U naar aanleiding van bovenstaande vragen hebben, of mocht U advies wensen met betrekking tot portretrecht, schroom dan niet en neem contact op met ons.
 

Lars Westhoff
Para Legal sectie Sport en Recht



1 De hoogste Nederlandse rechtsprekende instantie.
Het betreft hier een niet in opdracht van de geportretteerde gemaakt portret.
3 Genaamd: “Johan Cruijff – De Ajacied”.
4 Versnelde procedure met een voorlopig karakter tot het oordeel van de bodemrechter (de “normale rechter”).