Caster Semenya wordt door het CAS niet in het gelijk gesteld  03-05-2019

Door Kimberley Kuipers

Een zaak die al een aantal keren in het nieuws voorbij is gekomen, de zaak van Caster Semenya. Op 1 mei 2019 heeft het CAS, het onafhankelijk tribunaal wat geschillen beslecht op het gebied van sport, een oordeel gewezen. Het CAS oordeelt dat Caster Semenya niet in het gelijk wordt gesteld, wat inhoudt dat zij medicijnen moet gaan slikken om nog uit te mogen komen in atletiekwedstrijden bij de vrouwen.

De naam Caster komt al voor in discussies sinds haar opmerkelijke entree bij het Wereldkampioenschap in Berlijn, waar zij op de 800 meter de wereldtitel veroverde. Er zijn in de loop der jaren al verschillende onderzoeken naar haar verricht (of ze wel vrouw zou zijn bijvoorbeeld). Uit een van de onderzoeken kwam naar voren dat ze een te hoge testosteronwaarde had. Om deze naar beneden te brengen moest Caster medicijnen gaan slikken, maar daardoor is zij langzamer gaan lopen. In  2015 stapte Caster daarom al eens naar het CAS, waardoor zij vervolgens geen medicijnen meer hoefde te slikken. De International Association of Athletics Federations (hierna: IAAF) liet het hier niet bij zitten en liet extra onderzoeken uitvoeren. Ook voerde de IAAF een nieuwe regel in die Caster alsnog zou verplichten om medicatie te slikken, die haar natuurlijke testosterongehalte zou doen dalen, tenminste als zij in de topatletiek wil blijven. Met de nieuwe regels wil de IAAF de regels omtrent hyperandrogenisme gaan toepassen, oftewel een hormoonafwijking die tot mannelijke eigenschappen leidt. Volgens de IAAF behoort Caster tot de
atlete(s) die van nature veel testosteron aanmaken. Dit zorgt voor spierversterkende werking waardoor Caster een onevenredig voordeel zou hebben ten opzichte van de meeste andere vrouwen, die deze afwijkende waarden niet hebben. Caster heeft echter geweigerd om op bevel van de IAAF de vereiste middelen tot zich te nemen en is naar het CAS gestapt. Zij bestrijdt hier de regel van de IAAF dat zij verplicht kan worden gesteld om medicatie te nemen om zo een hormonale afwijking te bestrijden. Daarnaast heeft zij het idee dat de regel specifiek op haar is gericht.

Het CAS heeft echter geoordeeld dat de IAAF een testosteronlimiet mag instellen. Met deze beslissing van het CAS is Caster in het ongelijk gesteld. Dit houdt in dat Caster haar testosteronwaarden opnieuw omlaag moet brengen met medicatie, als zij op topniveau wil blijven meedoen bij de vrouwen. Volgens het CAS is Caster er niet in geslaagd om te bewijzen dat het IAAF-beleid oneerlijk is. Het CAS stelt daarbij dat de regel in de atletiekfederatie “noodzakelijk, redelijk en evenredig” is voor eerlijke concurrentie bij vrouwen. Het CAS sluit niet uit om in de toekomst alsnog maatregelen te nemen tegen deze voorschriften. “Hoewel het beschikbare bewijs nog niet voldoende is, kan dit in de toekomst veranderen, tenzij de eerlijkheid van de uitvoering van de regels in twijfel zal worden getrokken”.

Ik ben er van overtuigd dat deze zaak nog tot ophef en nadere juridische vragen zal leiden.

Uiteindelijk wordt zij nu (in afwachting van een hoger beroep) gedwongen een keuze te maken: óf het slikken van medicijnen die haar natuurlijke testosteron aanvoer verminderen, maar wel op topniveau kunnen blijven meedoen, óf stoppen met atletiek uitoefenen op het hoogste niveau.

Vragen over het voorgaande? Onze sportjuristen staan voor U klaar.

Kimberley Kuijpers
Juridisch Sportloket