Degradatie een reden om een arbeidsovereenkomst niet na te komen?  04-10-2013

Door Lars Westhoff

Hoofdtrainer Van den Berg en voetbalvereniging ARC zijn een arbeidsovereenkomst overeengekomen voor het seizoen 2012-2013. In december 2012 hebben Van den Berg en ARC overeenstemming bereikt voor nog een seizoen (2013-2014), met het huidige salaris (€ 2.572,70 per maand). Vervolgens heeft het bestuur de verlenging bekendgemaakt.

Problemen
Na de winterstop ontstaan er echter problemen in de technische staf en besluit Van den Berg (buiten zijn bevoegdheid om) de maandagtraining te schrappen. Als gevolg hiervan heeft het bestuur Van den Berg op non-actief gesteld. Een paar dagen later heeft Van den Berg een schrijven ontvangen, waarin ARC het contract beëindigd per 30 juni 2013.  Van den Berg stelt dat hij een contract heeft tot en met de zomer van 2014. Als gevolg van deze patstelling wordt de zaak voorgelegd aan de arbitragecommissie van de KNVB.

Arbeidsovereenkomst
De arbitragecommissie is van oordeel dat tussen ARC en Van den Berg een arbeidsovereenkomst is overeengekomen tot en met de zomer van 2014. ARC en Van den Berg waren er immers op hoofdlijnen uit en er zijn geen nadere voorbehouden gemaakt. ARC wil van de arbeidsovereenkomst af i.v.m. de degradatie en de economische crisis, maar aangezien partijen geen schriftelijk opzegbeding hebben opgenomen, is tussentijdse opzegging niet mogelijk.

ARC stelt zich vervolgens op het standpunt dat in redelijkheid niet van haar mag worden verwacht de arbeidsovereenkomst na te komen, nu het contract werd gesloten, terwijl zij in de hoofdklasse speelde. Volgens ARC moet het spelen in de hoofdklasse worden gezien als een essentieel onderdeel van de arbeidsovereenkomst. De arbitragecommissie oordeelt dat degradatie en promotie onlosmakelijk verbonden zijn met de voetbalsport. Het stond partijen vrij, een clausule met betrekking tot degradatie of promotie op te nemen. Nu partijen dat niet hebben gedaan, wordt niet snel aangenomen dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid  onaanvaardbaar is om de overeenkomst na degradatie in stand te laten.

De wet biedt nog een laatste strohalm voor ARC ingeval sprake is van zodanige onvoorziene omstandigheden, dat ongewijzigde in stand lating van de overeenkomst onredelijk is. Veel belang wordt door de wetgever gehecht aan het gegeven woord, waardoor niet snel een dergelijke omstandigheid wordt aangenomen. De arbitragecommissie is van mening dat degradatie voor risico en rekening van de club moet komen, temeer nu in december 2012 expliciet door partijen over het salaris en de overeenkomst is gesproken.

Ontbinding
De arbitragecommissie is echter wel van oordeel dat er sprake is van gewichtige redenen op grond waarvan de overeenkomst behoort te eindigen. De vergoeding wordt echter om reden van de slechte financiële situatie van ARC, alsook door de gedragingen van Van den Berg beperkt tot € 13.500,-.

Conclusie
Tijdens de onderhandelingen is het voor zowel de club als trainer (maar zeker ook voor spelers) van belang, dat men zo veel als mogelijk inzichtelijk heeft wat de toekomst kan brengen. Hierdoor kunt U de overeenkomst zodanig inrichten dat wanneer deze toekomstige omstandigheden zich voordoen, de overeenkomst U voldoende mogelijkheden biedt om te handelen (bijv. een degradatieclausule). Ook hier geldt weer: “regeren is vooruitzien”.

Heeft U vragen naar aanleiding van het voorgaande, of wenst U advies of bijstand met betrekking tot het arbeidsrecht, schroom dan niet om contact met ons op te nemen.

Lars Westhoff
Para Legal sectie Sport en Recht