Eenmalige contributieverhogingen  11-04-2014

Door Lars Westhoff

Door een acuut liquiditeitsprobleem bij Laren Mixed Hockey Club (hierna: Laren) heeft de Algemene Ledenvergadering (ALV) gemeend te moeten instemmen met een éénmalige contributieheffing, althans een verhoging van de contributie.1 De vraag hoe de liquiditeitsproblemen zijn ontstaan en welke oplossingen daarvoor kunnen worden aangedragen, laat ik graag aan andere schrijvers over. In dit stuk wil ik me vooral richten op de vraag of het de ALV is toegestaan om de contributie op deze wijze te verhogen.

Contributie
Nergens in de wet wordt de term “contributie” aangetroffen. In artikel 2:41, vijfde lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW) spreekt de Wet echter wel over een jaarlijkse bijdrage die verschuldigd is door het lid. Om meer te weten te komen over de regels omtrent het vaststellen van de contributie, is het derhalve noodzaak om aan te sluiten bij de regels die betrekking hebben op de binding van leden aan verbintenissen. Artikel 2:34a BW bepaalt daartoe:

“Verbintenissen kunnen slechts bij of krachtens de statuten aan het lidmaatschap worden verbonden”.

Statuten
De vervolgstap is om te bekijken wat de statuten bepalen met betrekking tot geldelijke verplichtingen die worden opgelegd aan leden (waaronder contributie). Daarbij is het niet uitgesloten dat in de statuten geen geldelijke verplichting wordt opgelegd aan de leden. Bepaalde verenigingen kunnen bijvoorbeeld hun activiteiten financieren uit andere bronnen dan contributie. Het is derhalve geen verplichting van de vereniging. Bij Laren is het volgende in de statuten opgenomen over de financiële verplichtingen van de leden:

“De leden van de Vereniging zijn verplicht telkenjare een zodanige contributie in de kas van de Vereniging te storten als de Algemene Vergadering van tijd tot tijd zal bepalen.”

Interpretatie
Nu is het de vraag hoe voornoemde bepaling in de statuten moet worden geïnterpreteerd. De voorzitter van Laren, mevrouw Adriaansens, stelt zich op het standpunt dat de bepaling zo moet worden begrepen, dat ieder jaar de contributie hoogte door de ALV wordt bepaald. De voorzitter is van mening dat het hier niet gaat om een eenmalige bijdrage maar een eenmalige contributie verhoging. Niet logisch is in dat kader dat de contributieverhoging zelfstandig van de rest van de contributie wordt geïnd. In dat geval is er gewoon sprake van een eenmalige bijdrage. Dit was anders geweest als de contributie voor het komende seizoen werd vastgesteld.

Eenmalige bijdrage
Nu de statuten geen grondslag bieden om aan het lidmaatschap een eenmalige bijdrage te verbinden, moet dit besluit van de ALV als in strijd met de statuten en derhalve als nietig worden aangemerkt. Zijnde een besluit dat nimmer rechtskracht had. Juridisch kan de eenmalige bijdrage derhalve niet op deze basis worden afgedwongen.

Aanbeveling
Het is derhalve aan te bevelen (aan alle sportverenigingen) om voor dergelijke situaties een aparte bepaling op te nemen in de statuten. In een dergelijke bepaling moet zijn weggelegd dat de ALV bevoegd is om, eventueel onder bepaalde voorwaarden, haar leden een eenmalige bijdrage op te leggen.

Mocht U naar aanleiding van voorgaande nog vragen hebben, of advies wensen, schroom dan niet om contact met ons op te nemen.

 

Lars Westhoff
Sectie Sport en Recht

 
1 Het besluit is inmiddels uitgesteld, na protest van de leden en het kwijtschelden van een groot gedeelte van de schuld door de bank.