Het Sportpark: een veilige thuishaven voor de sportvereniging? (deel 3)  09-04-2014

Door Lars Westhoff

In deel 3 volgt een verhandeling over de situatie waarin de gemeente een sportvereniging met dwang van het sportpark wenst te verwijderen. Hierbij zal onder meer worden stilgestaan bij de vraag of de gemeente deze bevoegdheid zonder meer toekomt, of de gemeente de sportvereniging een termijn moet gunnen voor het vertrek en zo ja, hoe lang deze termijn dient te zijn en ten slotte of de gemeente aan de sportverenging bij een onvrijwillig vertrek een vergoeding verschuldigd is.

Dwang
Wanneer er - net zoals bij Gronitas en de gemeente Groningen - geen afspraken zijn gemaakt over het gebruik van het sportpark, anders dan dat de sportvereniging het sportpark in gebruik krijgt, is daarmee ook de vraag opengelaten wanneer deze verhouding tussen sportvereniging en gemeente eindigt en op welke wijze het gebruik door de sportvereniging van het sportpark kan worden beëindigd.

In die gevallen wanneer de sportvereniging geen afspraken heeft gemaakt en ook geen tegenprestatie levert voor het gebruik van het sportpark, is er sprake van een bruikleenovereenkomst. Deze bruikleenovereenkomst kan nader worden gekwalificeerd als duurovereenkomst voor onbepaalde tijd. Met betrekking tot deze duurovereenkomsten heeft de Hoge Raad bepaald dat indien niets is bepaald over opzegging, de overeenkomst in beginsel opzegbaar moet worden geacht.

Op basis van de redelijkheid en billijkheid kunnen door de aard en inhoud van de overeenkomst en de omstandigheden van het geval, met zich meebrengen dat de overeenkomst enkel kan worden opgezegd met een zwaarwegende reden. Aangezien de vereniging kosteloos gebruik maakt van het sportpark, kan, hoewel de bruikleenovereenkomst reeds 25 jaar voortduurt, niet worden gesteld dat opzegging daarvan ondenkbaar is. Daarbij heeft de gemeente in het geval van Gronitas een zwaarwegend belang. Te weten, het bieden van adequate voorzieningen aan een belangrijke partij in de regio Groningen en het creëren van ruimte voor het Noorderpoortcollege. De gemeente heeft derhalve immer de bevoegdheid om, zonder dat daartoe afspraken zijn gemaakt, de overeenkomst op te zeggen met een zwaarwegende reden waardoor de sportvereniging kan worden gedwongen het sportpark te verlaten.

Opzegtermijn
Vervolgens moet er, gezien de aard van de overeenkomst: bruikleen van een sportaccommodatie, een voldoende termijn worden gegund aan de sportvereniging zodat daarmee de beëindiging van de overeenkomst niet onredelijk kan worden geacht en de sportvereniging zich kan voorbereiden op het gedwongen vertrek. In de zaak Gronitas, heeft de gemeente Gronitas een termijn gegeven van 11 maanden, welke termijn de Voorzieningenrechter redelijk heeft geacht.

Vergoeding
Vervolgens kan het zo zijn, dat de redelijkheid en billijkheid verlangen dat de beëindiging gepaard dient te gaan met het betalen van een (schade)vergoeding. Nu, zoals in het tweede deel van het drieluik uiteengezet, de gebouwen geen eigendom van de sportvereniging zijn geworden door verjaring, is het niet zo dat gemeente verplicht is de waarde van de opgerichte gebouwen te vergoeden. Immers, de sportvereniging is geen eigenaar en verliest daarom geen eigendommen. In die gevallen is de gemeente slechts verplicht tot een vergoeding die tegemoetkomt aan de redelijkheid en billijkheid. Dat wil zeggen dat de sportvereniging op een andere plek haar activiteiten op een gewone wijze moet kunnen voortzetten. De gemeente heeft Gronitas verschillende aanbiedingen gedaan, allen ter waarde van € 200.000. Sommige aanbiedingen met een lagere vergoeding, maar met voorzieningen in natura zoals kleedlokalen, welk aanbod uiteindelijk ook op € 200.000 uitkomt.

Conclusie
Hoewel een sportvereniging relatief rechteloos is wanneer zij geen concrete afspraken heeft gemaakt met de gemeente (bijvoorbeeld door het overeenkomen van een huurovereenkomst), zal de vereniging haar activiteiten in redelijkheid altijd kunnen blijven voortzetten. In de meeste gevallen zal zij echter wel gedwongen kunnen worden te verhuizen.

Mocht U vragen hebben of meer informatie wensen, schroom dan niet om contact met ons op te nemen.

 

Lars Westhoff
Para Legal sectie Sport en Recht