Mag de licentiecommissie van de KNVB de aandelenovername van FC Den Bosch zomaar tegengaan?  02-05-2019

Door Kimberley Kuijpers

Op 26 juli 2018 kwam het persbericht van FC Den Bosch naar buiten dat Kakhi Jordania de nieuwe grootaandeelhouder van FC Den Bosch zou worden. De club en huidige aandeelhouders bereikten een akkoord. Het enige wat op dat moment nog restte, was een akkoord van de licentiecommissie van de KNVB. Deze bleef echter uit tot op de dag van vandaag. Op 29 maart, een paar keer nadat het nemen van een besluit al was uitgesteld, heeft de KNVB besloten dat zij geen goedkeuring verleent aan de overdracht van de aandelen. FC Den Bosch laat het hier echter niet bij zitten en heeft beroep ingesteld tegen dit besluit van de licentiecommissie van de KNVB.

Volgens de nieuwe reglementen van de KNVB, die op 1 juli 2018 in werking zijn getreden, moet de KNVB de overname van aandelen vooraf goedkeuren, indien het gaat om een overname van meer dan 25% van de zeggenschap. Dit proces bestaat uit een aantal stappen: (I) kenbaar maken dat er een potentiele koper is, (II) voldoen aan de eisen die de KNVB stelt aan een verkoop, wat in eerste instantie betekent dat er conform een eisenlijst stukken moeten worden aangeleverd, (III) bij deze stap is het aan de KNVB om de stukken te beoordelen en de verkoop al dan niet goed te keuren. Vanuit FC Den Bosch werd verwacht dat dit een kwestie was van enige weken, maar dit bleek aanzienlijk langer te duren.

De KNVB heeft besloten geen goedkeuring te verlenen aan de overname. De motivering waarom de KNVB afziet van goedkeuring heeft onder andere betrekking op de leeftijd van de beoogd aandeelhouder, over de sector waarin hij zich begeeft (de olie en gasindustrie), deze sector zou witwasgevoelig zijn én het zou gaan om de regio waarin hij actief is.

Uit het toepasselijk reglement blijkt dat de doelstelling van het licentiesysteem is: ‘het waarborgen van de integriteit en de continuïteit van de competities betaald voetbal’. De licentiecommissie neemt bij besluitvorming te allen tijde deze doelstelling in acht. Wanneer de integriteit (zie doelstelling) echter in het geding is, staat nergens beschreven. In deze zaak heeft, zoals eerder aangegeven, de afkeuring van de aandelenoverdracht onder andere te maken met de leeftijd, sector en regio van de investeerder. Brengt dit dan automatisch met zich mee dat de integriteit in het geding is en als gevolg daarvan de aandelen niet mogen worden overgedragen? Het lijkt ons dan ook van groot belang dat in de reglementen of door nadere jurisprudentie de nu nog algemene bepalingen nader worden geconcretiseerd.  

Om dit probleem te verhelpen, dienen duidelijke bepalingen opgenomen te worden in de reglementen. Een voorbeeld waar dit beter geregeld is, is bij de Wet Bibob. In artikel 3 van de Wet Bibob staat heel duidelijk omschreven wanneer een vergunning wel of niet kan worden verleend. De (eventuele) onduidelijkheid over het begrip “ernstig gevaar” uit dit artikel, wordt meteen weggenomen middels duidelijke bepalingen. In artikel 3 wordt precies omschreven wat valt onder het begrip “ernstig gevaar”. Hierdoor wordt het “vage” begrip meteen opgehelderd. De KNVB moet hier ook naartoe werken. Zij moeten duidelijk aangeven wanneer niet wordt voldaan aan de reglementen en als gevolg daarvan een aandelenoverdracht mag weigeren. Dit zal een hoop onduidelijkheden wegnemen en meer rechtszekerheid teweeg brengen.

Mijns inziens is het van belang om maatregelen te treffen en goede controles uit te voeren. Echter moet wel duidelijk zijn wanneer voldaan is aan de reglementen van de KNVB. Zodat iedereen weet waar hij/zij aan toe is.

Vragen over het voorgaande? Onze sportjuristen staan voor U klaar.

Kimberley Kuijpers
Juridisch Sportloket